In eerdere artikelen besprak ik de D-factor (de gemeenschappelijke kern van alle donkere persoonlijkheidstrekken), de maatschappelijke oorzaken ervan, en de waarden die ermee samenhangen. We weten dat mensen met een hoge D-factor geneigd zijn hun eigenbelang te maximaliseren ten koste van anderen, en dat ze dit gedrag rechtvaardigen met cynische overtuigingen. Nieuw onderzoek van Schrödter & Hilbig (2026) voegt hier een belangrijk puzzelstuk aan toe. Het kijkt niet naar gedrag of rechtvaardigingen, maar naar beleving: door wat voor bril kijken deze mensen naar de werkelijkheid? De uitkomst is interessant: ze zien de wereld niet alleen als een strijdtoneel, maar als een zinloze woestijn — saai, lelijk, en zonder inherente betekenis.
Primal World Beliefs: de fundamentele bril
De onderzoekers maakten gebruik van het concept primaire wereldbeelden ofwel Primal World Beliefs (‘primals’). Dit zijn diepgewortelde, vaak impliciete aannames over de aard van de werkelijkheid. Op het hoogste niveau gaat het om de vraag: is de wereld fundamenteel goed of slecht? Deze overkoepelende overtuiging valt uiteen in drie dimensies:
- Safe (veilig vs. gevaarlijk): Is de wereldh stabiel, rechtvaardig en betrouwbaar, of chaotisch en bedreigend?
- Enticing (aantrekkelijk vs. saai): Is de wereld mooi, interessant en betekenisvol, of lelijk, saai en zinloos?
- Alive (levend vs. mechanisch): Gebeuren dingen met een reden en reageert de wereld op mij, of is alles willekeurig en onverschillig?
In vier studies (totaal N = 2245) onderzochten Schrödter & Hilbig de samenhang tussen de D-factor en deze fundamentele wereldbeelden.
De wereld zien als lelijk en zinloos
Dat mensen met een hoge D-factor de wereld als onveilig en competitief zien, was te verwachten. Ze scoren laag op Cooperative () en Just (). Dit bevestigt hun instrumentele overtuiging: “Ik moet aanvallen voordat ik word aangevallen.” Maar dit onderzoek laat zien dat hun negativiteit dieper gaat — naar gebieden die geen direct nut hebben als rechtvaardiging voor wangedrag:
- Een saaiere, lelijkere wereld: Ze scoren significant lager op de Enticing-dimensie: de wereld is voor hen minder mooi (), minder interessant (), en minder grappig (). Ze ervaren een vorm van belevingsarmoede.
- Existentiële zinloosheid: De sterkste en meest unieke voorspeller was Meaningful. In de regressieanalyse bleek dit de enige facet die unieke variantie in D verklaarde, los van alle andere facetten. Ze geloven fundamenteel dat weinig in het leven ertoe doet.
- Geen geloof in vooruitgang: Ze scoren lager op Progressing (de wereld gaat vooruit) en Improvable (de wereld is verbeterbaar). Dit raakt direct aan de kern van progressiegericht werken.
De uitzondering: “Alles is zinloos, behalve ik”
Er was één opvallende uitzondering. Hoewel ze de wereld zien als kil en betekenisloos, was er een positieve samenhang met de facet Interactive (): het geloof dat de wereld specifiek op jou reageert. Dit past naadloos bij het narcistische element van de D-factor. De impliciete redenering lijkt: “Het bestaan is zinloos, maar ik ben belangrijk genoeg dat de wereld wel om mij draait.”
Van instrumenteel naar existentieel
Wat vind ik interessant aan deze bevindingen? Eerder onderzoek naar D-gerelateerde overtuigingen richtte zich vooral op instrumentele beliefs — overtuigingen die dienen om gedrag te rechtvaardigen. Cynisme (“iedereen liegt”) vermindert schuldgevoel over eigen leugens. Dit onderzoek toont dat het wereldbeeld van hoge-D individuen fundamenteler is. Het geloof dat de wereld saai, lelijk en betekenisloos is, heeft geen directe rechtvaardigende functie. Je kunt er geen specifiek gedrag mee verdedigen. De onderzoekers spreken van een meta-justificatory framework: een alomvattend wereldbeeld waarin ethische normen hun relevantie verliezen. Als niets betekenis heeft, waarom zou je je dan aan morele normen houden? Het is niet “ik mag dit doen”, maar “het maakt allemaal toch niet uit.” Dit verklaart waarom een beroep op ethiek of gedeelde waarden vaak afketst. In een wereld die als fundamenteel zinloos wordt ervaren, zijn morele principes slechts een illusie voor naïeve mensen.
Het gevaar van de self-fulfilling prophecy
Een verontrustend inzicht ontstaat wanneer we dit koppelen aan macht. In mijn artikel over aversieve omstandigheden beschreef ik hoe externe factoren (corruptie, ongelijkheid) samenhangen met hogere D-scores in de bevolking. Maar wat als iemand met een hoge D-factor zelf macht krijgt? Hij ziet instituties en samenwerkingsverbanden als nep, corrupt of zinloos. Vanuit dat wereldbeeld zal hij ze ondermijnen of afbreken. Het resultaat: de instituties functioneren daadwerkelijk slechter. De wereld is onveiliger en corrupter geworden. Zo wordt de donkere bril van één machtig persoon de realiteit voor alle anderen. De innerlijke waan wordt externe waarheid. En die verslechterde omstandigheden kunnen op hun beurt hogere D-scores in de bredere bevolking aanwakkeren — een neerwaartse spiraal.
Reflectie: implicaties voor de praktijk
- De botsing met betekenisvolle progressie: In het progressiegericht werken helpen we mensen vooruitgang te boeken in wat voor hen betekenisvol is. Maar als die variabele ontbreekt in iemands wereldbeeld, valt autonome motivatie weg. Een groeimindset-vraag als “Wat gaat er al beter?” klinkt dan niet als hulp, maar als ontkenning van hun realiteit.
- Inspireren heeft geen zin: Het appelleren aan “samen de wereld mooier maken” werkt bij deze groep waarschijnlijk averechts — die mooie wereld bestaat in hun ogen niet. Weerstand is dan geen onwil, maar ongeloof.
- Benut de ‘Interactive’-overtuiging: Uit het onderzoek blijkt dat deze groep wél gelooft dat de wereld op hen reageert. Ze ervaren invloed. Dit biedt een aanknopingspunt voor rationales en logische consequenties. Omdat mensen met een hoge D-factor geloven in hun eigen invloed op de wereld, kun je dit mechanisme benutten: “We hebben Y nodig om veilig te kunnen werken (rationale). Ik vraag je om Y te doen. Als je ervoor kiest om dat niet te doen, is het logische gevolg dat we taak Z moeten stilleggen.” Je presenteert de consequentie niet als een straf die jij oplegt, maar als een feitelijk, logisch gevolg dat zij door hun keuze in werking stellen. Dit sluit aan bij hun wereldbeeld dat hun acties de realiteit bepalen, en laat hun autonomie intact.
- Overtuigingen zijn veranderbaar: Ten slotte: zowel de D-factor als wereldbeelden moeten niet als onveranderlijke eigenschappen worden gezien. Het zijn overtuigingen die in interactie met de sociale omgeving vorm krijgen. Recent onderzoek toont dat primals bijna even stabiel zijn als persoonlijkheidstrekken — maar ‘stabiel’ betekent niet ‘onveranderlijk’. Verandering vraagt wel tijd, en vooral: de juiste context.
Lees ook:
- Schrödter, R., & Hilbig, B. E. (2026). Seeing the World Through a Dark Lens: The Dark Core of Personality and Its Relation to Primal World Beliefs. Journal of Personality.
- De D-factor: negatieve kanten van menselijk gedrag
- Van D-factor naar prosociale overtuigingen
- Aversieve omstandigheden verklaren verschillen in donkere persoonlijkheid
- De relaties tussen de D-factor en menselijke waarden


0 reacties